Informatie over bestrating | Advies en inspiratie
Voegen verwerking
Wanneer is een uitzettingsvoeg nodig?Bij terrassen met een oppervlakte van meer dan 35 m² of een lengte van meer dan 5 meter is het noodzakelijk om een uitzettingsvoeg aan te brengen. Deze uitzettingsvoeg dient dwars door het zandbed en de legmortel te worden geplaatst. Langs gevels wordt eveneens een uitzettingsvoeg aangebracht. Dit kan door het plaatsen van isolatiefoam of een gelijkwaardig materiaal, zodat de bestrating voldoende ruimte heeft om te werken bij temperatuurverschillen.
Waarmee word bestrating gevoegd?
Voor het voegen van bestrating zijn verschillende materialen geschikt, afhankelijk van het type tegel en de voegbreedte:
- Schoon zand (0/2 mm tot 0/4 mm)
- Split (1/3 mm tot 2/5 mm)
Voor tegels met kleine voegen kan gebruik worden gemaakt van onder andere zilverzand, brekerzand of invoegsplit. Voor tegels met gekapte kanten en voor kinderkopjes is basaltsplit 0–5 mm een geschikt voegmateriaal.
Wanneer gebruikt men voegmortel?
Voegmortel wordt toegepast wanneer een vaste en stabiele voeg gewenst is, bijvoorbeeld bij intensief gebruik of op plekken waar uitspoeling moet worden voorkomen.
Bij het gebruik van voegmortel gelden de volgende richtlijnen:
- De voeg dient minimaal 3 mm breed te zijn
- De voegdiepte moet minimaal 30 mm bedragen
Bekijk ons gehele assortiment
Waarom bestrating met een voeg verwerken?
Tegels met strakke kanten of een facet dienen altijd met een minimale voeg van 2 à 3 mm te worden verwerkt. Dit is noodzakelijk om ruimte te bieden aan het uitzetten en krimpen van de tegels door temperatuurverschillen. Zonder voeg kunnen randen en hoeken beschadigen of afspringen. Daarnaast helpt een voeg om maatafwijkingen tussen tegels op te vangen. Getrommelde tegels kunnen met een kleinere voeg worden verwerkt. Eventuele randbeschadigingen vallen bij dit type tegel na verwerking minder op.
Bekijk onderstaand filmpje voordat u begint.